Overzicht sessies

Het programma van het Congres Broeikasgasemissies uit Wateroppervlakte bevat, naast het plenaire progrmma, twee rondes met sessies. Klik op het '+' symbool om meer te lezen over elke sessie.

Sessies plenair

Oppervlaktewater speelt een verrassend grote rol in de Nederlandse broeikasgasbalans. In deze mini lecture neem ik u mee langs de processen die bepalen hoe CO₂, CH₄ en N₂O in water worden gevormd, omgezet en uiteindelijk aan de atmosfeer worden afgegeven. Hoe ontstaan deze gassen? Welke biologische processen kunnen emissies juist afremmen? En waarom blijken sloten, meren en andere wateren belangrijke schakels in de klimaatopgave? Aan de hand van recente inzichten laat ik zien wat we inmiddels weten over de bijdrage van oppervlaktewater aan de Nederlandse broeikasgasbalans, waar de grootste onzekerheden liggen en welke mogelijkheden er zijn om emissies te verminderen. Een introductie in de verborgen wereld van broeikasgassen onder het wateroppervlak.

 Waterschap Rivierenland streeft naar klimaatneutraliteit. Emissies van broeikasgassen die vrijkomen bij de bedrijfsvoering zijn vrij goed in beeld. Over de emissies vanuit oppervlaktewateren én de mogelijkheden om deze te verminderen, was nog minder bekend. Daarom heeft Witteveen+Bos de broeikasgasemissies binnen het gehele beheergebied in kaart gebracht. Ook is onderzocht in hoeverre waterkwaliteitsmaatregelen kunnen bijdragen aan emissiereductie. Hiervoor is het BlueCAN-model toegepast, dat in samenwerking met onder andere Deltares en STOWA is ontwikkeld. Met enkele kenmerken van het watersysteem geeft dit model inzicht in de omvang van de emissies en het reductiepotentieel. De methode, resultaten en belangrijkste geleerde lessen van deze modelstudie en de context worden toegelicht.

De land- en watergebonden broeikasgasemissies – exclusief de Noordzee – hebben een aandeel van 3-4% in de jaarlijks gerapporteerde totale broeikasgasemissies van Nederland.Binnen het klimaatakkoord is afgesproken om maatregelen te stimuleren om deze emissies te verkleinen. Water- en natuurbeheerders kunnen bijdragen aan de emissiereductie opgaven uit het Nederlandse Klimaatakkoord. Dat is mogelijk met aanpassingen in beheer en natuurontwikkeling in regionale wateren, grote meren, rivieren en intergetijdengebieden.

Het uitvoeren van herstel en -inrichtingsmaatregelen in natuurgebieden is gericht op herstel en behoud van habitattypen en (kwetsbare) soorten. Maar steeds vaker spelen ook klimaatadaptatie en klimaatmitigatie een belangrijke rol. Tegelijkertijd komen er tijdens uitvoeren van maatregelen broeikasgassen vrij, bijvoorbeeld door machines of uit afgegraven grond. Daarbij kunnen er tegengestelde belangen spelen voor biodiversiteit en klimaat. Metingen, kengetallen en inzichten kunnen helpen om klimaatslimme keuzes te maken in het natuurbeheer. In deze sessie worden studies naar effecten van natuurherstel op broeikasgasemissie gepresenteerd en worden keuzes vanuit het beheer besproken.

Sessies ronde 1 'Watersystemen'

Rivierenlandschap en beekdalen zijn vaak netto een bron van broeikasgassen blijkt uit Europese studies. Afhankelijk van de aanwezige natuurtypen in de oeverzone en waterkolom varieert de emissie tussen 0 tot 7 ton/ha/jaar CO2-equivalenten in stromende wateren. Maatregelen die we nemen om de natuur en de waterkwaliteit in het rivierenlandschap te verbeteren dragen bij aan een verlaging van broeikasgasemissies, maar is er nog meer mogelijk? In deze sessie wordt de opgave nader toegelicht en gaan we op interactieve wijze met de deelnemers verkennen hoe we deze opgave kunnen realiseren. Wat moeten we doen om stromende wateren om te vormen van source naar sink van broeikasgassen?

Hoewel meren en plassen een belangrijk onderdeel vormen van het Nederlandse watersysteem, weten we nog verrassend weinig over hun bijdrage aan broeikasgasemissies. In deze sessie delen we de meetgegevens die beschikbaar zijn en bespreken we welke factoren de emissies van CO₂ en CH₄ lijken te sturen. Daarbij besteden we aandacht aan verschillen tussen wateren, variatie tussen jaren en de mogelijke oorzaken daarvan. We nodigen deelnemers nadrukkelijk uit om eigen meetervaringen en praktijkobservaties in te brengen. Gezamenlijk verkennen we welke kennis nog ontbreekt, welke monitoring en analyses nodig zijn om emissies beter in kaart te brengen, en welke aangrijpingspunten er mogelijk zijn om emissies uit meren en plassen te verminderen.

Sloten vormen een belangrijk onderdeel van de het Nederlandse watersysteem en kunnen aanzienlijke hoeveelheden broeikasgassen uitstoten. Maar hoe groot zijn deze emissies, waardoor worden ze bepaald en hoe meten we ze?

In deze deelsessie bespreken we recente inzichten uit onderzoek naar broeikasgasemissies uit sloten, waaronder onderzoek binnen het Nationaal Onderzoeksprogramma Broeikasgassen Veenweiden (NOBV) en een landelijke meetcampagne waarin ook sloten op minerale bodems zijn onderzocht. We laten zien hoe emissies worden gemeten, welke processen een rol spelen en waarom systeeminzicht belangrijk is om meetresultaten te begrijpen en te vertalen naar de praktijk.

Vervolgens gaan we interactief aan de slag met praktijkvraagstukken. Welke uitdagingen spelen er bij waterbeheerders en beleidsmakers? Welke kennis ontbreekt en hoe vertalen we praktijkvragen naar gericht onderzoek en handelingsperspectieven voor beheer en emissiereductie?

We nodigen deelnemers uit om vooraf na te denken over vragen of uitdagingen rondom broeikasgassen uit sloten binnen hun organisatie.

Sessies ronde 2 'Maatregelen'

In deze sessie gaan we in op de status van veenweidesloten met een speciale focus op de waterbodem. We laten resultaten zien van meer dan 200 agrarisch beheerde veenweidesloten. We bespreken de relatie tussen samenstelling van de waterbodem, broeikasgasemissies en watervegetatie. In de sessie gaan we samen werken aan concrete maatregelen om broeikasgasemissies te beperken. Hiervoor gebruiken we de lessen die we geleerd hebben van de beheerproeven binnen VeeST en een prototype beslisboom.

Verzilting gaat onder een veranderd klimaat steeds grotere invloed krijgen op het waterbeheer in Nederland. Niet alleen op ecologische en chemische processen in het water maar ook op beleidskeuzes en de verdeling van ons (oppervlakte)water. Daarnaast is er steeds meer bekend wat de invloed van verzilting is op de uitstoot van broeikasgasemissies, maar zijn er ook nog kennislacunes. In deze sessie zullen deze onderwerpen besproken en bediscussieerd worden. Aan de hand van deze discussies zal gezamenlijk besproken worden hoe om te gaan met verzilting in het waterbeheer in relatie tot broeikasgasemissies.

De kennis over broeikasgasemissies uit oppervlaktewateren neemt toe, maar hoe vertalen we deze kennis naar effectief beleid en concrete maatregelen in de praktijk? Welke mogelijkheden zijn er om emissies uit oppervlaktewateren te beperken en hoe kunnen deze inspanningen bijdragen aan bredere maatschappelijke en beleidsdoelen? Denk bijvoorbeeld aan koppelkansen met biodiversiteitsherstel, klimaatadaptatie, landbouw- en natuurbeleid en koolstofcertificering. In deze sessie verkennen we vanuit zowel het perspectief van het waterbeheer als het landelijk beleid welke beleidsopties en handelingsperspectieven er zijn. Daarbij bespreken we hoe emissiereductie uit oppervlaktewateren een plek kan krijgen in bestaande en toekomstige beleidsstrategieën, waar kansen liggen om verschillende doelen te combineren en welke uitdagingen daarbij spelen.